Uit de nalatenschap van G.M. van der Want kreeg het streekarchief dankzij bemiddeling van het Museum Gouda twee fraaie 19e-eeuwse poëziealbums. Het bijzondere van deze albums dat ze allebei zijn samengesteld uit losse blaadjes.

Het poëziealbum is voortgekomen uit de traditie van het album amicorum (lijst van vrienden), dat in de 16e eeuw ontstond doordat in Europa rondreizende studenten hun hoogleraren en medestudenten om bijdragen op papier vroegen. De alba werden statussymbolen en bleven populair tot het einde van de 18e eeuw.

In de loop van de 19e eeuw nam de belangstelling weer toe, maar nu onder jonge meisjes meest uit de gegoede burgerij. De vorm veranderde. Het album was niet meer een ingebonden boek, maar een doosje met losse blaadjes. Het voordeel daarvan was dat de eigenaar een los blaadje kon meegeven of opsturen en niet meer het complete album hoefde af te staan voor een bijdrage.

Ook werden in die tijd illustraties belangrijker dan de teksten. Laatstengenoemden namen dan ook nog vaak de vorm aan van standaardversjes. Voor de illustraties gebruikte men allerlei tekeningen, schilderijtjes, en borduurwerkjes. Inspiratie voor de geborduurde motieven kwam regelmatig uit Penélopé, het “maandblad aan het vrouwelijk geslacht toegewijd”, dat geredigeerd werd door A.B. van Meerten-Schilperoort uit Gouda. Voor de borduurwerkjes werd fijn geperforeerd karton gebruikt dat bekend stond onder de naam Bristol-stramienpapier. Deze doosjes vormden de overgang naar het poëziealbum en het vriendenboek in de vorm die de meesten van ons kennen.

Een van de albums die het streekarchief heeft gekregen is zo’n doosje met 29 losse blaadjes (SAMH collectie varia, inv.nr. 0200. 19859). Op een blaadje is de eigenaar vermeld, namelijk mej. A.W. van der Want. Waarschijnlijk is dit Adriana Willemina (ook Wilhelmina) van der Want (1836-1871), dochter van Pieter Gerrit van der Want. Zij trouwde in 1870 met Hendrik Johannes van Vreumingen. Het doosje is aan de voorzijde voorzien van een geschilderd tafereeltje.Op de achterzijde staat "Album". Het formaat van het doosje is 17 x 10,5 x 2 cm; het formaat van de blaadjes 15,5 x 9,5 cm. De blaadjes zijn beschreven met gedichtjes van familie en vrienden. Op sommigen staan potloodtekeningen en aquarellen (uit de families Van Vreumingen en Van der Want), een paar zijn geborduurd in kruissteek, een blaadje heeft een geprikt bloemenmandje en twee hebben een poëzieplaatje. Het oudste blaadje is gedateerd 1853, de jongste 1862.

Het tweede “album” (SAMH collectie varia, inv.nr. 0200. 19858) is een blauw etuitje met 13 losse kaartjes. De kaartjes bestaan uit borduurkarton met een in kruissteek geborduurde (bloem) motief, dat op de hoeken met steeds enkele kruissteekjes is vastgezet op het beschreven papier. Op een van de kaartjes is het woord "Souvenir" geborduurd in bruine kraaltjes. Op de achterkant staan namen en soms gedichtjes. Dit “album” is gevuld tussen 1848 en 1852. Het formaat van de kaartjes is 11 x 6 cm. De eigenaar van dit album is niet bekend.

Meer lezen:

““Penélopé” en het “Album amicorum”, een damesblad en een album uit de 19e eeuw” door Sietske van der Leij in Handwerken zonder grenzen 2/1998, 5-11.

“Alba Amicorum, vijf eeuwen vriendschap op paper gezet” , door K. Thomassen (eindredactie), 1990, SDU uitgeverij (SAMH archiefbibliotheek, inv.nr. 0191. 4394)

“Penélopé of maandwerk aan het vrouwelijk geslacht toegewijd” samengesteld door A.B. van Meerten-Schilperoort, delen I t/m VIII, 1821-1835 (SAMH collectie Van Meerten-Schilperoort, inv.nrs 192. 6-9)

0200. 19859 0200. 19859 0200. 19858